Slootwater

Wat kun je doen te zorgen voor een betere  waterkwaliteit? door  Jaap Glas

Gedoornd hoornblad

 

Een jaar of vijf geleden waren er nog een paar sloten midden op ons complex waar wat gedoornd hoornblad in groeide. Dat is een algemene waterplant, een pionier, waarvan ik hoopte dat die de weg zou banen naar een betere kwaliteit van ons slootwater. Maar het is verdwenen, ongeveer tegelijk met het kroos en kroosvaren.

Sinds 2017 kijk ik overal in sloten, meren, plassen en vijvers naar water- en oeverplanten op zoek naar stekken. In Het Twiske, in de buurt van een sluisje bij Landsmeer, vond ik grote bossen gedoornd hoornblad in het water. Ik heb er meerdere keren wat uitgehaald om bij ons uit te zetten. Twee jaar geleden was het daar ook verdwenen, ik vond alleen nog wat waterpest. In de buitensingel van De Bretten groeide altijd veel lidsteng. Ik heb er meerdere keren stekken van meegenomen. Vorig jaar zag ik er nauwelijks iets van terug. Waterlelies groeiden er nog wel. Zes jaar geleden groeide er erg veel gedoornd hoornblad in een paar brede sloten in het achterste gedeelte van het Amsterdamse Bos. Er zat op sommige gedeelten zoveel, dat kanoërs er hinder van hadden en dat de beheerders van het Bos er flink wat uit moesten halen. Ik heb er vuilniszakken vol vandaan gehaald om bij ons in de sloten en vijver uit te zetten. Maar vorige zomer groeide in die sloten in het Amsterdamse Bos ook nog nauwelijks gedoornd hoornblad. Wat is er aan de hand?

 

Rivierkreeft

Is het de rode Amerikaanse rivierkreeft? Ik hoorde (Nieuwsuur, woensdag 15 april) dat het Hoogheemraadschap van Delfland ze nu actief gaat bestrijden, wegens schade aan waterplanten en oevers. Uit een onderzoek van het Hoogheemraadschap Rijnland (omgeving Leiden) blijkt dat natuurlijke oevers helpen de kreeftenpopulatie te verkleinen.

Je hoort wel eens dat rode Amerikaanse rivierkreeften alles opvreten. Maar is dat bij ons ook zo? Bij ons zijn ze nog maar weinig waargenomen, veel minder dan in bijvoorbeeld De Bretten of De Groote Braak. Bovendien zit er nog hoornblad in mijn proefvijver, dat dus niet opgevreten is. Ik vermoed dat iets anders nog een rol speelt.

De gemeente Amsterdam heeft kort geleden een zoetwaterecoloog aangesteld om een onderzoek te doen naar de achteruitgang van waterplanten in het Amsterdamse Bos. Ik heb contact met hem gemaakt en ik heb hem de waarnemingen die ik gedaan heb aan deze kant van de stad naar hem toe gemaild. We wachten de uitkomsten van zijn onderzoek af…

Lissen en dotters

Voorlopig kunnen we maar beter op andere planten inzetten die ons aan beter slootwater kunnen helpen, zoals gele lis of dotterbloemen. Dat zijn allebei planten die niet aangevreten worden. Vorig jaar in april zijn naast de Spechtlaan op veel plaatsen gele lissen en dotterbloemen in gaten achter de beschoeiing gezet.

Gele lis heeft de gunstige eigenschap dat het zowel onder water als op het droge kan groeien. Als het onder water groeit vormt het pollen die het slib kunnen vast houden. Dat leidt dus tot minder baggeren. Gele lis is een heel algemene plant en verspreidt zich makkelijk. Ik denk dat er wel wat tuinders zijn die ze daarom op de composthoop gooien. Doe dat liever niet en gebruik ze aan de slootkant, liefst op een zo zonnig mogelijke plek.

Natuurlijke oevers

De diverse waterschappen in Nederland adviseren de aanleg van natuurlijke of natuurvriendelijke oevers. Bij natuurlijke oevers heeft het slootdwarsprofiel een V-vorm. Bij ons hebben de meeste sloten vanwege beschoeiing nog een U-vorm. Het lastige is dat door te baggeren je de U-vorm in stand houdt. Baggeren is ook noodzakelijk voor schoner slootwater. Het afgevallen boomblad en het slib dat naast de beschoeiing op de slootbodem ligt moet ook weggebaggerd worden. Dat zijn dus tegenstrijdige eisen. Niet iedereen heeft de ruimte (of de behoefte of zin) om de oever schuin af te steken en op die manier een natuurlijke oever te maken. Maar met een gele lis kan je ook naast de beschoeiing van een U- naar V-vorm toewerken.

Ecosysteempje

Graaf de gele lis uit met voldoende kluit zodat het geheel zwaar genoeg is om naar de bodem te zakken. Door een paar stokjes in de slootbodem te steken kun je zorgen dat de kluit niet omvalt en het groen omhoog wijst. Ik heb vorig jaar vier kluiten met wortelstokken van gele lis (zie foto) achter een verticaal staand plankje van een meter lang op de slootbodem gezet. De kluiten zitten klem tussen het plankje en de beschoeiing. Het plankje blijft rechtop door een paar stokken erachter die in de slootbodem steken. Het plankje rust op de zijkant op de slootbodem, gaat niet drijven want het zit ook weer klem tussen de kluiten en de stokken. Het groen van de gele lissen zit 10 cm onder water. Aan de rechterkant op de foto is te zien dat een wortelstok zich al uitgebreid heeft de sloot in. Dat is precies de bedoeling en dat mag ook zo blijven, ook ’s winters. Als de kluiten voldoende zijn vastgegroeid kunnen het plankje en de stokken eruit.

Creëer zo je eigen privé-ecosysteempje en zie dat op den duur daar schaatsenrijders (schrijverkens), torretjes (bijvoorbeeld bootsmannetjes) en watervlooien omheen zwemmen.

Geef een reactie