Schermafbeelding 2016-03-11 om 10.36.26

Leesclub tuinpark Sloterdijkermeer 2018

In 2012 begonnen we een leesclub. We lazen onverwachte, mooie en bijzondere boeken met titels waarin meestal het woord ‘tuin’ voorkwam – want dat is de insteek: we lezen over tuinen en belangstelling, vooruit, zelfs líéfde voor de natuur.

Een greep: Jan Wolkers: Dagboek 1974 (toen hij met zijn volkstuin begon); Simon Vestdijk: De koperen tuin; Ian Mc Ewan: De cementen tuin; Tan Twan Eng: De tuin van de avondnevel; Gail Tsukyama: De tuin van de Samoerai; Giorgi Bassani: De tuin van de Finzi-Contini’s; Rachel Yoice: Het liefdeslied van Queenie Hennessy (waarin ’n zeetuin een rol speelt); Mercè Rodoreda: Tuin aan zee en nog veel meer.

In 2016 lazen we Dit is mijn hof van Chris de Stoop, De tuinkamer van Lilian Blom; De Kozakkentuin van Jan C. Brokken en Het compostcirculatieplan van Anton Valens.

De klassiekers kenden we al, maar het was een belevenis ze te herlezen; andere boeken zouden we waarschijnlijk nooit in handen hebben gehad, terwijl er parels tussen zaten. Vier keer per seizoen spreken we steeds bij een andere tuinder over leesgenot, ontdekking en inspiratiebron. Als ze er zijn bekijken we ook op boeken gebaseerde films.

In 2017 stonden onder meer deze drie boeken op het programma:

1. Julia Blackburn, die met haar inmiddels overleden man, een Nederlandse beeldhouwer, sinds 1999 woonde in een dorpje in de bergen nabij de Ligurische kust van Italië, beschrijft in Smalle Paden de omgeving en de flora en fauna, die ze verkennen tijdens hun lange wandeltochten.

2. Bij de verschijning van Nescio’s Verzameld werk was het Natuurdagboek (1946-eind 1955) voor veel recensenten de grote ontdekking in het nagelaten werk. De inhoud is helemaal ‘Nescio’, de schrijver in zijn meest pure vorm. Nauwgezet neemt hij al het veranderlijke waar: het voortschrijden van de seizoenen, de wolken, het water, het licht, en hij legt dat alles vast in intieme, tijdloze beelden, als een schilder.

3. En in Het vogelhuis schrijft Eva Meijer over Len Howard (1894-1973) die de tweede helft van haar leven doorbracht in een klein, afgelegen huisje op het Engelse platteland. Daar schreef ze twee internationale bestsellers over de mezen, roodborsten, mussen en andere vogels in en rond haar huis. Voor wie er anno 2016 langsloopt, doet alleen het naambordje ‘Bird Cottage’ nog denken aan haar wonderlijke levensverhaal. Het raam van het vogelhuis stond altijd open, de koolmezen en mussen waren vrij om te komen en te gaan en landden op de typemachine van Howard zodra ze ging zitten om haar ervaringen met de dieren op te schrijven…

Binnenkort volgt meer informatie over het programma voor 2018.

Wil je meelezen? Meld je aan. Ook niet-tuinders zijn van harte welkom. Mail uitentuin@sloterdijkermeer.nl. Je mag je gerust opgeven als je niet elke keer bij de bespreking kunt zijn: alleen uit belangstelling de aankondigingen ontvangen kan ook. Of bel 06-29513892. Katrien de Klein